Bon, Italiaans is een verschrikkelijke taal. Erger dan Frans. Tot op heden kon ik mij behelpen met een beperkt vocabularium, maar uiteindelijk wil een mens toch wat meer, zoals een boeiend gesprek met een ragazza beginnen bijvoorbeeld. U, beste lezer, zou dat ook willen na de ragazze hier gezien te hebben, geloof me vrij. Als ze hier iets zeggen, versta ik er echter niets van. Voor diegenen die de Britse comedyserie "The fast show" kennen, vergelijk het met de sketch van 'chanel neus', de televisiezender uit een of andere Latijns-Amerikaanse bananenrepubliek. Net als het taaltje dat daarin wordt gebrabbeld, klinkt Italiaans voor mij ongelooflijk grappig, maar net als 'chanel neus' kan ik alleen maar uit de body language van de spreker afleiden wat er gezegd wordt. Voor degenen die "The fast show" niet kennen, vergelijk het met wanneer Jef Braeckevelt spreekt.
Goed, om daar iets aan te doen volg ik sinds gisteren een cursus 'Italiano per stranieri' (Italiaans voor dummies, zeg maar). Terug naar school dus. En direct herinneringen aan de lessen Frans uit het middelbaar. Net als in de lessen Frans, staat er een lerares voor je neus, die alleen maar Italiaans spreekt. Het moet gezegd, ze valt mee en spreekt vrij traag. Italiaans blijkt in traag gesproken toestand verrassend verstaanbaar, om niet te zeggen bijna volledig verstaanbaar. Spreken is echter wat anders. Er zijn regels, maar nog sterker dan in het Frans, zijn die regels eerder uitzonderingen op de uitzonderingen. Dit is nog zo'n taal waar het levensbelangrijk is om te weten of een woord mannelijk of vrouwelijk is. De algemene regel is dus : eindigend op -o is mannelijk, op -a vrouwelijk. In het meervoud wordt dat -i, respectievelijk -e. Maar dan begint het : er zijn ook woorden die in het enkelvoud eindigen op -e en in het meervoud op -i. Die kunnen echter of mannelijk of vrouwelijk zijn. Soms is dat duidelijk (padre of madre bijvoorbeeld), maar meestal dus niet. Blokken dus om te weten of je er 'uno' of 'una' moet voorzetten. Daarnaast zijn er nog een honderdtal klassen van uitzonderingen, allemaal even onlogisch. Woorden die in het enkelvoud of -io eindigen, eindigen in het meervoud bijvoorbeeld op -i in plaats van -ii. Behalve het woord 'zio' (nonkel), dat wordt toch 'zii', want 'zi' zou toch wel te kort zijn, vinden ze hier. De meest fantastische uitzondering is die van de lichaamsdelen die in het enkelvoud mannelijk zijn, maar om een of andere reden in het meervoud plots vrouwelijk worden. Een knie bijvoorbeeld is hier mannelijk, terwijl knieën dan weer vrouwelijk zijn. Een andere leuke regel is het schrijven van getallen in cijfers. Het is welbekend dat de ganse wereld 'duizend' schrijft als 1.000, met het puntje beneden dus. Niet zo hier, om een of andere duistere reden dient het puntje hier bovenaan te worden geschreven. Bij gebrek aan passend keyboard kan ik dat echter niet reproduceren.
Bon, het heeft ook voordelen, zo'n taalcursus. Je moet er namelijk naar de faculteit letteren voor. Heel schoon uitzicht daar... heel schoon. (En eigenlijk mag dat uitzicht op de faculteit wetenschappen er ook al zijn.) Helaas moet ik nu echter mijn huiswerk maken...
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten