Marco Zatterin is een Italiaans journalist voor de krant La Stampa, in Brussel gelegerd. Hij schrijft meestal commentaren omtrent de EU en haar werking, decreten, ... Vandaag had hij het over de crisis (of course). Ik heb zijn commentaar even vertaald:
Het voorbeeld van de Belgische crisis:
De regering in het koninkrijk van Albert II is opnieuw gevallen. Vlamingen en Walen vechten om princiepskwesties terwijl de economie slabakt? Is het het allemaal waard? En wat doen wij?
Een oude mop, van iemand die ik mij op dit moment niet herinner, ter gelegenheid van de dood van een bekend persoon, gaat als volgt : "de verrassing is niet dat hr. Kweeniewie gestorven is, maar eerder dat hij blijkbaar nog in leven was". Waarschijnlijk zal iemand onder jullie die zin beter voor de geest kunnen halen dan ikzelf, maar ik denk toch dat ik ze kan citeren en kan zeggen : "de verrassing is niet zozeer dat er in België geen regering meer is, maar dat die regering blijkbaar nog in werking was."
Eerste Minister Yves Leterme, Vlaming, heeft maandagnacht ontslag genomen. Het verbaast hier niemand. Onderaan kunnen jullie het bericht hieromtrent lezen (nvjr : heb ik maar weggelaten uit luiheid :-)). Ondertussen zijn er enkele vragen die men zich kan stellen. Heeft het zin om een staat te onderwerpen aan een confrontatie, gebaseerd op intern nationalisme, wanneer de conjunctuur slabakt? Wat is belangrijker : het bevestigen van zijn identiteit of de sociale en economische vooruitgang van een volk, hoe verdeeld en divers dit ook moge zijn? Is het het waard om te staan op administratieve vragen over kleine gebieden van Brussel, ook als dit dreigt het land stuurloos achter te laten?
België antwoordt ja op alle vragen. Vlamingen en Walen zijn gescheiden. De voorstanders van een splitsing zijn tot alles bereid, onbekommerd om het aantal armen dat ze veroorzaken.
Het nationalisme vindt paradoxaal genoeg zijn sterke wortels in de vrede. De economische crisis zal de straf zijn. De Vlamingen trekken aan het koord, de Walen zijn niet bereid om toe te geven. Ondertussen is de inflatie nagenoeg het dubbele van het EU-gemiddelde. Wie betaalt? Iedereen. Maar dat lijkt niet echt belangrijk voor de politieke leiders (op enkele uitzonderingen na uiteraard).
Dit alles doet mij denken aan Italië, ook al zijn wij op dit moment beter. Terwijl de prijzen stijgen, de pasta en het brood duurder worden, de benzine onbetaalbaar is,... gaat het debat over thema's die niet echt dicht bij de noden van de burgers staan. Immigratie, justitie, tv-kanalen, hoe belangrijk ook, helpen niet om het einde van de maand te halen. De voorstellen die men hoort omtrent de olieprijs zijn vreemd; in Brussel doen ze de werklui lachen.
In België (des te meer) en in Italië (in mindere mate) heeft iemand het stuur verloren. Twee verschillende gevallen, maar met een element dat op verontrustende manier gelijkaardig is. Hier valt een regering omwille van een federale staatshervorming, daar vecht men om rechters en telefoonaftappingen. Ondertussen lijdt de economie. En wij met de economie. En het helpt niet echt om na te denken over het feit dat we, na de boodschappenlijst op het eind van de week te hebben ingekort, misschien binnen enkele jaren zouden kunnen genieten van een vluggere werkwijze. Of van een zekerheid (misschien) dat we niet afgetapt worden als we niet tot een maffia-clan behoren. Geen dergelijke troost.
Nietwaar?
Ter informatie : het politieke debat wordt hier overheerst door vragen als : "Kan een premier worden aangeklaagd (voor corruptie), als hij nog in functie is." Of : "Wanneer is een telefoon aftappen gerechtvaardigd in een politioneel onderzoek?" En : "Is het wel correct dat politici vat hebben op de media?"
Voor de rest heeft Leterme hier niet echt een aardschok veroorzaakt :-) Je moest al heel diep zoeken in de gazetten om er een ultrakort berichtje over te vinden.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten